JorFytaal
Terug naar het blog
Algemeen

Je ademhaling vertelt meer over ontspanning dan je denkt

Je kunt op de bank zitten en denken: ik ben toch ontspannen? Je hoeft even niets, je hoofd is rustig en misschien voelt je lichaam ook best ontspannen.

Jorinde zit ontspannen in het duingras en richt haar aandacht naar binnen
Maar wat doet je ademhaling? Je ademhaling geeft informatie over wat er op dat moment in je lichaam gebeurt. Juist daarom werk ik binnen Fytaal Pilates veel met het waarnemen van de adem en met wat ik vaak de lage buikademhaling noem.

Wat gebeurt er bij een rustige ademhaling?

De belangrijkste ademhalingsspier is het middenrif. Dit is een grote, koepelvormige spier die de borstholte van de buikholte scheidt. Wanneer je inademt, trekt het middenrif samen en beweegt het naar beneden. Hierdoor ontstaat ruimte in de borstkas en stroomt lucht naar binnen. De organen in de buik krijgen tegelijkertijd iets minder ruimte en bewegen mee. Daardoor kan de buikwand tijdens de inademing naar buiten komen. Bij de uitademing ontspant het middenrif weer en beweegt het terug omhoog. De buik beweegt weer terug. Die beweging van de buik is dus niet simpelweg een trucje dat je jezelf aanleert. Het is een zichtbaar en voelbaar gevolg van de manier waarop je middenrif en de rest van je ademhalingssysteem samenwerken.  

Ontspannen voelen is niet altijd hetzelfde als lichamelijk ontspannen

Dat onderscheid vind ik belangrijk. Je kunt jezelf rustig vóélen terwijl je lichaam nog behoorlijk actief is. Misschien houd je ongemerkt je buik vast. Misschien blijft je borstkas opgetrokken. Misschien adem je klein en hoog of zet je spieren vast zonder dat je dat bewust merkt. Dat betekent niet meteen dat er iets mis is met je ademhaling. Ons lichaam past de ademhaling voortdurend aan aan wat we doen, voelen en nodig hebben. Ook houding, beweging en inspanning hebben invloed op hoe de adem zichtbaar wordt. Maar wanneer je werkelijk tot rust komt, wil je dat je lichaam niet voortdurend méér hoeft te doen dan nodig is. Een vrije beweging van het middenrif en de buik kan daarbij een belangrijk signaal zijn.

Waarom is die lage buikademhaling interessant?

Ademen gebeurt grotendeels automatisch. Je hoeft niet de hele dag te bedenken wanneer je moet in- en uitademen. Tegelijkertijd is ademhaling bijzonder omdat je haar ook bewust kunt beïnvloeden. Rustiger en vrijer ademen hangt samen met veranderingen in het autonome zenuwstelsel: het deel van het zenuwstelsel dat onder andere betrokken is bij hartslag, ademhaling, activiteit en herstel. Daarom kan je ademhaling een ingang zijn om niet alleen te dénken dat je ontspant, maar ook te onderzoeken wat er lichamelijk gebeurt. Niet door zo groot mogelijk naar je buik te ademen. Niet door je buik bij iedere inademing naar buiten te duwen. En ook niet door een perfecte ademhaling na te streven. Juist door eerst te voelen wat er al gebeurt.

Je buik hoeft niet zo groot mogelijk te bewegen

Dit is een belangrijk verschil. Een lage buikademhaling betekent niet: hoe verder je buik naar buiten komt, hoe beter je ontspant. Wanneer je heel bewust je buik naar voren duwt, ben je namelijk opnieuw iets aan het dóén. Terwijl het bij ontspanning juist interessant is of beweging vanzelf kan ontstaan. Ga maar eens rustig liggen en leg eventueel een hand laag op je buik. Adem niet expres anders. Voel alleen. Beweegt je buik mee met je ademhaling? Kun je de ondergrond onder je lichaam voelen? Kun je daar wat meer op steunen? Houd je ergens spanning vast die op dit moment niet nodig is? En vooral: kun je je adem laten doorgaan zonder hem voortdurend te regelen?

Je ademhaling als informatie

Binnen Fytaal Pilates gebruiken we de ademhaling daarom niet alleen als ademhalingsoefening. Je adem geeft je informatie. Misschien merk je dat je tijdens een moeilijke beweging ineens je adem inhoudt. Of dat je buik zich aanspant zodra je harder gaat werken. Misschien ontdek je dat je adem weer vrijer wordt wanneer je een beweging kleiner maakt, beter steunt of ergens wat verzacht. Dat zijn interessante momenten. Je lichaam laat je als het ware zien hoeveel inspanning je gebruikt en of er ruimte is om iets anders te doen. Daar hoef je niet meteen een oordeel over te hebben. Eerst waarnemen. Daarna kun je kiezen en ervaren wat er gebeurt als je iets verandert.
Deel dit artikel
FacebookWhatsAppE-mailLinkedIn